Vanaf de 10de en 11de eeuw kent men in West-Europa twee types van strijkinstrumenten: de vedel (met familie) en de rebec, een Arabisch-Perzisch instrument dat langs Spanje in onze gewesten verscheen. Op het einde van de middeleeuwen krijgt de rebec de Franse spotnaam ‘gigue
’, omdat de vorm niet vreemd is aan een schapebout (gigue; verkleinwoord: gigot). De naam komt het eerst voor in het ‘Lexicon
’ van Johannes de Garlandia (ca. 1230). In Duitsland was de gebogen vorm reeds lang...