SUCHEN

Ophicléïde

Autor: J. LAMBRECHTS-DOUILLEZ

Het instrument bestaat evenals de fagot uit een conische buis, die in tweeën gebogen werd, met aan het ene uiteinde een ketelvormig mondstuk en aan het andere een klankbeker. De toongaten worden afgesloten met kleppen, aanvankelijk acht tot negen en later zelfs tot elf en twaalf. Meestal werd de ophicléïde in C of Bes (b) vervaardigd. Omvang: B1c2 of A-b1. Halary bouwde ‘contrabasophicléïdes’ in F of Es, een octaaf lager dan het gewone (bas) instrument en...

Dies ist eine Vorschau von „Ophicléïde“ auf RILM Music Encyclopedias. Wenn Sie ein Abonnement haben, bitte oder nutzen Sie den Zugang über Ihre Institution, um den vollständigen Artikel zu sehen.